Waar hebben we een veertigdagentijd voor nodig?

Het woord lente komt van het Oud-Hoogduitse woord lenzin. Dit heeft te maken met het lengen van de dagen, de tijd na de winter, wanneer de boeren al gauw gingen zaaien in de hoop op een goede oogst in de zomer. Aan het einde van elke winter keek een boer uit over zijn land en zag iets wat op een kale woestijn leek. Maar hij stelde zich voor hoe prachtig dat land eruit zou zien nadat hij er hard zijn best voor had gedaan. Het is opmerkelijk dat ditzelfde woord ‘lent’ in het Engels gebruikt wordt om de veertigdagentijd aan te duiden.

We hebben een tijd van ontbering nodig
Als alles goed met ons gaat dan neemt ons verlangen naar God en naar nieuwe geestelijke groei vaak zienderogen af, soms zelfs zozeer dat dat verlangen helemaal verdwijnt. Maar als we ons in onze gedachten naar een woestijn verplaatsen — waar het heet is, waar geen voedsel is en geen water en waar we de normale gemakken van het leven moeten ontberen — dan zullen we spoedig op andere gedachten komen. Ontbering maakt dat we onszelf zien als behoeftige mensen die nieuw leven nodig hebben. Het maakt dat we ons tot God wenden en zijn stem gaan zoeken, iets waar we misschien heel goed zonder kunnen zolang we in beslag genomen worden door onze dagelijkse plichten en de verleidelijke aanbiedingen van deze wereld.

Daarom hebben we een vastentijd nodig. We hebben behoefte aan een retraite, een bezinningstijd van veertig dagen. We moeten een stap terug doen uit onze dagelijkse sleur om te kunnen nadenken over ons leven en ons gezin. Of we nu een daad stellen van zelfverloochening of dat we een poging doen om minder zelfzuchtig en meer liefdevol te zijn, we hebben allemaal een tijd nodig waarin we onszelf de normale geneugten des levens ontzeggen om ons geestelijk leven te verzorgen en nieuw zaad te zaaien.

Boeren moeten lang en hard werken om te ploegen, het land klaar te maken en nieuw zaad te zaaien. Dat is allemaal nodig om tot nieuwe groei te kunnen komen. Op dezelfde manier is de veertigdagentijd een tijd van nieuwe geestelijke groei, maar daar moeten noodzakelijkerwijs zweet en inspanning aan voorafgaan.

Tijd voor een nieuwe besef
Tegen de tijd dat we het paasfeest vieren kunnen we allemaal een grote oogst binnenhalen — meer persoonlijke liefde tot God en meer liefde voor anderen. De komende veertig dagen kunnen we ons besef verdiepen van de Liefde die zich tweeduizend jaar geleden aan het kruis van Golgota naar ons uitstrekte. We kunnen ons verwonderen over de manier waarop de Eucharistie al zoveel eeuwen lang de gelovigen gevoed en gesterkt heeft. We kunnen onze aandacht richten op Gods diepste bedoelingen — ieder naar zich toe te trekken — en bepalen hoe we met onze inzet voor Hem en voor zijn volk kunnen meewerken om deze bedoelingen in vervulling te laten gaan. We kunnen opnieuw tegen onszelf zeggen dat deze wereld niet ons huis is, maar slechts een tussenstation waar we wachten op de terugkeer van Jezus.

Nadat Jezus zelf veertig dagen in de woestijn had gebeden en tenslotte de Satan wegstuurde, kwamen engelen Hem dienen. Zo kunnen ook wij er zeker van zijn dat God aan het einde van onze eigen persoonlijke retraite in de veertigdagentijd ook naar ons zijn engelen zal sturen om ons te dienen en ons met meer genade en meer liefde te vullen. Op paaszondag zult u mogen zien dat Jezus naar u glimlacht. U zult zien hoe Hij het op prijs heeft gesteld wat u in de veertigdagentijd hebt gedaan.

God zegene u.